Column — 20 mei 2019 · 2 minuten leestijd

Column: Mano Bouzamour - Pure liefde

Column: Mano Bouzamour - Pure liefde

Deel dit artikel

Nooit zal ik het moment vergeten dat ik voor het eerst de Grote Zaal van Het Concertgebouw zag. Ik was een jaar of zestien, zat op het lyceum en Julius, een goede vriend, belde en vertelde dat hij toffe plannen voor ons in petto had. Zijn ouders konden niet naar het concert met pianomuziek van Chopin. 'Zin om mee te gaan?'

Terwijl ik in het buurthuis in De Pijp op de punten van mijn Nike's geconcentreerd pijltjes stond te gooien naar een dartbord, vroeg ik: 'Wanneer is dat concert?' – 'Vanavond!'

Thuis trapte ik mijn sportschoenen uit, verkleedde mij en vertrok naar De Knijp in de Van Baerlestraat. Daar aten we, geheel volgens traditie vertelde Julius, lichtgegrilde biefstukken met pepersaus en patatjes met veel zout. Zo nu en dan namen we een teugje van een rode Chinon. Hij pakte de kaarten uit zijn binnenzak en schoof er eentje naar mij toe. Om mijn dankbaarheid te tonen, toverde ik wat hasj uit mijn zak en schoof dat hem toe. Met een grote glimlach vroeg hij: 'Sigaretje roken?' – 'Hebben we nog tijd?'

Julius stond op van tafel: 'De pianist speelt pas als wij er zijn. Heb ik ff geregeld.' Tien minuten later wandelden we, lichtelijk beneveld, door de gangen – via de open deuren ving ik glimpen op van de muurkandelaars. Toen we het balkon van de Grote Zaal betraden, viel ik even stil van verbijstering. Terwijl we naar onze plekken schuifelden, gleed ik met mijn vingertoppen over de zachte, velvetrode stoelen. Bekeek de prachtige ornamenten in het plafond, de zaalverlichting weerscheen in de glanzende pijpen van het enorme orgel dat als een grote bewaker over de ruimte waakte. Hoeveel uren pure liefde en ambacht waren er in deze zaal gestoken?

‘Ik genoot van elk toontje, elk ingehouden kuchje uit de zaal’

Niet veel later schaarde de pianist zich achter de Steinway & Sons. Ik genoot van de vingervlugheid van de Russische pianist wiens naam zo ingewikkeld was dat het onmogelijk was om die te onthouden, laat staan uit te spreken. Met tomeloos veel mededogen, plezier en precisie speelde hij de nocturnes van Chopin – ik was op slag fan. Ik genoot van elk toontje, elk ingehouden kuch uit de zaal, het was sprookjesachtig mooi. Het enige wat ik dacht was: hier wil ik vaker zijn. Het is de mooiste plek van Amsterdam. Ik wil verdomme een matrasje in het ketelhokje.
(wordt vervolgd)

Mano Bouzamour

Schrijver en columnist, geboren in 1991
Debuteerde in 2013 met de roman De belofte van Pisa die op het moment wordt verfilmd door Norbert ter Hall en Robert Alberdingk Thijm (A’dam - E.V.A). In 2018 volgde Bestseller Boy.

Lees ook de tweede column van Mano Bouzamour: 'Naakt'.

Wij raden u aan om uw concertkaarten te bestellen via een andere browser. Gebruik hiervoor Chrome, Firefox, Safari, Edge of Internet Explorer versie 10 of hoger.