Interview — 4 maart 2021 · 3 minuten leestijd

Interview: Lorenzo Viotti - ‘Ik dien slechts de muziek’

· tekst Frederike Berntsen , foto Melle Meijvogel

Lorenzo Viotti, de toekomstige chef-dirigent van het Nederlands Philharmonisch Orkest en De Nationale Opera, dirigeert op 4 maart een online concert met Debussy en Tsjaikovski. ‘Ik hoop dat door mijn geloof in deze musici het orkest steeds beter wordt.’

Deel dit artikel

Hij draagt witte sneakers, houdt van golfsurfen en drinkt graag een cocktail op een terras aan zee: Lorenzo Viotti is een modern man en omarmt het leven. In een zomerse jas komt hij na een repetitie de Dirigentenfoyer van Het Concertgebouw binnen, de partituren van Debussy’s Nocturnes en de Zesde symfonie van Tsjaikovski in zijn tas. ‘Het Nederlands Philharmonisch Orkest geeft me een genereuze klank. We zijn enorm blij om samen te werken. Niemand heeft het idee dat er iets bewezen moet worden, het plan is om samen groter te worden, dat voel ik.’

‘Het Nederlands Philharmonisch Orkest geeft me een genereuze klank’

Lorenzo Viotti (Lausanne, 1990) studeerde niet alleen orkestdirectie maar ook piano, zang en slagwerk. Hij treedt in de voetsporen van Marc Albrecht, en zal vanaf augustus officieel de scepter zwaaien bij het Nederlands Philharmonisch Orkest en De Nationale Opera. ‘Het idee om in twee instituten te kunnen werken met hetzelfde gezelschap sprak me bijzonder aan. Als we de ene week een symfonie spelen en de andere week een opera, kunnen we groeien in de klank. En altijd met hetzelfde koor werken is een luxe, je leert elkaar door en door kennen, je groeit met elkaar.’

‘Als we de ene week een symfonie spelen en de andere week een opera, kunnen we groeien in de klank’

Zoveel deden ze nog niet samen, het is een huwelijk op gevoel. ‘Hoe weet je of met de juiste trouwt? Je gelooft erin, maar er is altijd een zeker risico. Teleurstelling is onderdeel van het leven, spanning en conflicten horen er ook bij. Maar respect en vertrouwen vormen de sleutel, de ander moet zich liefst beter voelen door jou. Precies deze dingen gelden ook in een relatie met een orkest. Dankzij de musici in dit orkest leer ik iedere dag bij – als mens, als dirigent. En ik hoop dat door mijn geloof in deze musici het orkest steeds beter wordt.’

‘Dankzij de musici in dit orkest leer ik iedere dag bij’

Met dertig jaar voor de Berliner Philharmoniker staan, Het Concertgebouw als een van de thuisbases hebben, allemaal fantastisch, maar Viotti is er niet door van zijn stuk gebracht. Die nuchterheid leerde hij vroeger thuis. Succes en een carrière stonden nooit op het hoogste plan. ‘Van mijn vader, ook dirigent, leerde ik om genereus te zijn. We konden uren rijden om ergens de juiste bekkens vandaan te halen. We deden aan scubaduiken, niets was hem te veel. Ik kom nu nog musici tegen die onder hem hebben gespeeld en warme herinneringen aan hem koesteren. Hij was dezelfde persoon op het podium als thuis. Altijd trouw blijven aan jezelf is een wijze les.’

Viotti geniet van de Grote Zaal. Hij en het orkest tasten elkaar af. En reuzenstappen worden er gezet, volgens de dirigent. ‘Het palet aan klankkleuren in Tsjaikovski’s Zesde is ongekend rijk. “Pathétique” luidt de ondertitel, dat komt van pathos, passie. Je moet oppassen dat je dat niet overspeelt, het gaat hier om gecontroleerde emoties. Tsjaikovski kon niet openlijk homoseksueel zijn – je hoort zijn lijden, zijn passie in deze symfonie. Je moet de musici een beeld geven hoe Tsjaikovski een bepaald mezzoforte in jouw ogen bedoeld heeft. Als je er een menselijke emotie aan verbindt waarvan iemand zich een voorstelling kan maken, lezen de spelers geen mezzoforte, maar interpreteren ze dat mezzoforte op dat moment in die symfonie. En dat is waar het om gaat: niet spelen wat je leest, maar wat er tussen de noten staat. Hoe zwaar weegt dit pianissimo? Welke kleur heeft het? Op die manier bouw je samen aan een klank.’

‘Iedere dag denk ik dat ik dichter bij de waarheid ben gekomen’

Viotti’s klankideaal is nog niet uitgekristalliseerd. Hij heeft duidelijke ideeën, maar zou die nog niet op cd willen vastleggen. Iets als ‘zijn versie’, zover is hij nog niet. ‘Ik dien slechts de muziek. Iedere dag ontdek ik iets nieuws en denk ik dat ik dichter bij de waarheid ben gekomen, maar er blijven altijd vraagtekens. Je moet wel een besluit nemen, tijdens een project moet je geloven in één versie. Over twee jaar, zoveel ervaringen rijker en na nog meer studie, ontdek je weer een ander stukje van de puzzel.’

Een paar dagen na de repetitie zijn de sneakers en het nonchalante overhemd vervangen door concertkleding. De camera loopt. Geen ritselend programmaboekje, geen gezamenlijke ademhaling van de luisteraars, je zou zelfs de tram in de Van Baerlestraat even stop willen zetten, om de pure stilte. ‘Chef-dirigent ben ik niet alleen om iedere avond de mooist denkbare muziek te mogen dirigeren, maar vooral om een brug te vormen tussen publiek en orkest, ook via stream. Een stream is geen vervanging van de live-ervaring, zeker niet, maar we kunnen dit medium wél gebruiken. Je kunt een breder publiek aanspreken. Veel mensen kijken naar Netflix, dat is een kanaal waarop wij niet te zien zijn. In die richting moet je wel denken als orkest, dat je onderdeel wordt van de dagelijkse gewoonte van mensen. Maar uiteindelijk moeten ze je live willen ontmoeten.’

Bekijk het online concert op 4 maart

Wij raden u aan om uw concertkaarten te bestellen via een andere browser. Gebruik hiervoor Chrome, Firefox, Safari, Edge of Internet Explorer versie 10 of hoger.