Naar hoofdcontent
Ontdek
  1. Concerten
  2. Inloggen
Noa Wildschut c Maaike Eijkman jpeg

Noa Wildschut: 'Deze zaal is mij het dierbaarst'

vr 13 mrt 2026 - 2 minuten leestijd - Tekst: Het Concertgebouw

Noa Wildschut is pas net 25 geworden, een leeftijd waarop menig musicus ervan droomt een debuut te mogen maken in Het Concertgebouw. Noa heeft dat al lang en breed achter de rug: haar eerste optreden in de Grote Zaal was op haar zevende. Is het nog spannend om in de Grote Zaal te spelen? En hoe kijkt ze uit naar haar twee Zondagochtend Concerten in seizoen 2026-2027?

Wat herinner je je van je Concertgebouwdebuut?
‘Dat debuut! Ja, dat weet ik nog wel.’ Lachend: ‘Vooral dat mijn moeder heel bang was dat ik van die lange trap zou vallen. Ik rende er zo vanaf. Inmiddels draag ik hakken en een lange jurk, nu moet ik wel wat voorzichtiger lopen.’ 

Duurt die trap niet een eeuwigheid?
‘Dat vind ik juist wel fijn. Het kan best een overweldigend gevoel geven als die deuren open gaan en je zo'n volle zaal ziet. Op de trap heb je even tijd om alles in je op te nemen: het publiek en de ruimte. Ik probeer dat moment daarom vooraf altijd te visualiseren, al tijdens het studeren. Hoe ik die trap af loop, dat er allemaal mensen in de zaal zitten. Zo bereid ik me voor.’

Heb je nog andere rituelen voor een concert?
‘Ik heb niet veel vaste rituelen, want elke plek waar ik speel is anders. Ik wil daarom niet teveel vasthouden aan patronen. Wel kijk ik vlak voordat ik op moet altijd even in de spiegel en zeg dan "we gaan het doen, let's go for it!", of zoiets.’

Want het blijft toch altijd spannend?
‘Ik ken het gevoel van op een podium staan nu heel goed. Ik heb veel ervaring om met spanning om te gaan. Ik voel wel altijd adrenaline, maar dat is een gezonde adrenaline die me inspiratie geeft.

Wat betekent Het Concertgebouw voor jou?
‘Het is zo'n bijzondere zaal! Ik speel in veel zalen over de hele wereld, maar deze zaal is mij het dierbaarst. Het Concertgebouw voelt echt als een thuis. Er zitten ook altijd vrienden en familie in het publiek, dat maakt het extra bijzonder.’

Hoe kijk je uit naar je komende optredens in Het Zondagochtend Concert?
‘Ik heb een aantal keer met het Concertgebouw Kamerorkest mogen spelen, dat voelt heel vertrouwd. We hebben ook De vier jaargetijden al eerder samen gespeeld. Vivaldi's muziek is heel erg beeldend, er klinken blaffende honden, vogeltjes, stormachtig weer. Ik probeer dat voor me te zien als ik het speel. Tegelijkertijd wil ik er ook iets van mezelf in leggen, én laat ik ruimte aan het publiek om een interpretatie te vormen. Ook het Derde vioolconcert van Saint-Saëns heb ik al vaker gespeeld. Het is zo'n bijzonder werk, ik word er altijd erg blij van. Het tweede deel is zo puur, daarin moet je echt je hart openen. Het is een moment om even weg te dromen. Het derde deel is juist enorm spectaculair. Ja, ik verheug me er enorm op!’

Onderdeel van

Bekijk ook eens