Naar hoofdcontent
Ontdek
  1. Concerten
  2. Inloggen
Joshua Bell credit Shervin Lainez 1 2

Joshua Bell: ‘Muziek leert ons luisteren naar elkaar’

di 22 sep 2026 - 6 minuten leestijd - Tekst: Inge Jongerman - Foto: Shervin Lainez

Al decennialang behoort Joshua Bell tot de wereldtop. Gaandeweg groeide de gevierde violist uit tot een veelzijdig musicus die net zo bevlogen soleert als dirigeert, arrangeert en jong talent begeleidt. Op 15 november keert hij terug naar de Kleine Zaal.

Joshua Bell te spreken krijgen bleek niet eenvoudig. Na zes maanden vrijwel onafgebroken op tournee te zijn geweest, wilde hij eerst thuis bij zijn familie op adem komen in zijn landhuis bij Mount Kisco, ten noorden van de stad New York. Het eenvoudige ritme van het buitenleven vormt het ideale tegenwicht voor zijn hectische bestaan. ‘Niks is zo fijn als het geluid van de vogels die aan hun dag beginnen, terwijl ik met mijn ochtendkoffie op het balkon over het meer uitkijk. Voor mij is dat de ultieme manier om op te laden.’ Tijdens het online interview tref ik dan ook een energieke, jeugdig ogende 58-jarige die liefdevol en bevlogen over zijn vak vertelt.

Muzikale proeverij

‘Het programma dat ik in Amsterdam speel, is als een muzikale proeverij’, opent Bell het gesprek. De Amerikaanse violist brengt met pianist Peter Dugan repertoire van Beethoven, Corigliano, Bach en Saint-Saëns. ‘De uitdaging is om werken te vinden die veel afwisseling bieden, maar tegelijkertijd voldoende met elkaar verbonden zijn om te voorkomen dat een programma onsamenhangend wordt. Dit concert bestrijkt ongeveer driehonderd jaar muziekgeschiedenis.’

Bell opent de zondagmiddag in de Kleine Zaal met Ludwig van Beethovens Derde vioolsonate. ‘Er gaat niets boven de tien sonates van Beethoven’, zegt hij vol overtuiging. ‘Zijn muziek spreekt onmiddellijk tot de verbeelding, vanaf de eerste maten word je erin meegezogen.’ Daarna volgt de Sonate voor viool en piano van John Corigliano, met wie Bell samenwerkte aan de muziek voor de film The Red Violin; de componist ontving er een Oscar voor. Bell was ruime tijd vóór zijn kennismaking met Corigliano al bewonderaar van diens vioolsonate. ‘John was pas 24 toen hij deze sonate schreef. Het stuk barst van de energie. Je hoort invloeden van Bernstein en misschien Stravinsky. Het is jammer dat dit werk vrij onbekend is in Europa.’

Er gaat niets boven de tien sonates van Beethoven

Bell onderhoudt nog altijd een nauwe band met de Amerikaanse componist. Onlangs schreef Corigliano, inmiddels 86, een liederencyclus voor Bell en zijn vrouw, sopraan Larisa Martínez, op gedichten van Tennessee Williams. ‘Ik heb muziek van hem uitgevoerd die hij op zijn 24ste schreef én werk van ruim zestig jaar later. Geweldig om zijn ontwikkeling van dichtbij te mogen meemaken.’

Authentieke Bach

Na de pauze klinkt Johann Sebastian Bachs Chaconne, een werk dat Bell al sinds zijn tienerjaren uitvoert. In 2007 speelde hij het werk incognito als straatmuzikant in een metrostation in Washington. Het opmerkelijke experiment kreeg wereldwijd aandacht en ging later viraal. ‘Een grappige ervaring’, is alles wat hij erover te zeggen heeft. Aanvankelijk werd Bell sterk beïnvloed door opnamen van violisten als Nathan Milstein en Henryk Szeryng, bij wie hij op jonge leeftijd masterclasses volgde. Inmiddels luistert hij anders naar hun Bach-opnamen. ‘Hun manier van spelen behoort in sommige opzichten tot een andere tijd’, stelt hij bedachtzaam vast. ‘De historisch geïnformeerde uitvoeringspraktijk heeft een enorme en positieve invloed gehad op ons begrip van barokmuziek. Ik heb daar veel van overgenomen, maar wil nooit gekunsteld klinken, alsof ik een stijl naboots die voor mij niet natuurlijk voelt. Ik probeer zo dicht mogelijk bij de geest van Bachs muziek te komen en tegelijkertijd als mezelf te blijven klinken. Mijn benadering zal zich waarschijnlijk blijven ontwikkelen, maar het belangrijkste is dat wat ik doe authentiek voelt.’

Bachs invloed loopt volgens Bell als een rode draad door het programma. Hij hoort die ook terug bij Camille Saint-Saëns, die net als Bach een groot organist was. Bell noemt diens Eerste vioolsonate ‘schromelijk onderschat’. ‘Het scherzo kan zich meten met Mendelssohn en het slot is misschien wel de spannendste finale van alle sonates voor viool en piano die ik ken’, vindt hij.

Intiem Amsterdam

Bell debuteerde in 1988 in Het Concertgebouw, vlak voor zijn 21ste verjaardag. De herinnering is bijna vier decennia later nog altijd helder. ‘Ik was volledig onder de indruk. Als kind had ik zoveel opnamen van het Concertgebouworkest beluisterd. Ik vergeet nooit hoe ik voor het eerst de grote trap achter de Grote Zaal afliep.’ Inmiddels trad hij er vaak op, met verschillende orkesten en in zowel de Grote als de Kleine Zaal. Voor kamermuziek heeft de Kleine Zaal zijn bijzondere voorkeur. ‘Ik houd ervan het publiek dicht bij me te hebben. Dat schept meteen een band.’

De intimiteit met het publiek vormt voor mij de kern van een recital

Thuis in New York organiseert Bell regelmatig muzikale soirées voor ongeveer honderd gasten, geïnspireerd op de negentiende-eeuwse salontraditie. ‘De intimiteit met het publiek vormt voor mij de kern van een recital. De Kleine Zaal bezit diezelfde kwaliteit: een warme sfeer waarin musici en publiek werkelijk contact kunnen maken.’

Groot voorrecht

Zijn werk als dirigent en muzikaal leider heeft Bell een nieuw perspectief gegeven op repertoire dat hij vaak door en door kent. Hij leidt graag vioolconcerten, zoals die van Tsjaikovski, Brahms en Bruch, terwijl hij zelf de solopartij speelt. ‘Wanneer ik zelf de leiding heb, kan ik tijdens de repetities veel dieper op de partituur en de details ingaan dan als gastsolist onder leiding van een andere dirigent’, legt hij uit. ‘Ook het dirigeren van symfonieën heeft mijn manier van luisteren veranderd. Ik ben me sterker bewust geworden van iedere afzonderlijke stem in het orkest en van de manier waarop alle partijen elkaar aanvullen.’

Joshua Bell maakte in 1988 zijn Concertgebouwdebuut. 'Ik vergeet nooit hoe ik voor het eerst de grote trap achter de Grote Zaal afliep' © Phillip Knott

De samenwerking met de Academy of St Martin in the Fields noemt Bell een van de grote voorrechten van zijn muzikale leven. ‘Op mijn achttiende maakte ik mijn eerste opname met het Londense ensemble onder leiding van oprichter Sir Neville Marriner. Jaren later viel aan mij de eer toe hem op te volgen als artistiek leider. Inmiddels vervul ik die functie al vijftien jaar en ik hoop ermee door te gaan zolang het orkest mij wil hebben.’

Amerika

In 2025 richtte Bell in New York het Chamber Orchestra of America op. ‘Ik wilde al lange tijd in mijn eigen land en stad een ensemble van de grond af opbouwen’, vertelt hij enthousiast. Marriner vormde daarbij een belangrijke inspiratiebron. ‘Hij bracht uitzonderlijke musici samen en creëerde een orkest met een herkenbare identiteit en een duidelijk doel.’ Dat doel reikt verder dan alleen concerten geven. Bell wil overal waar het nieuwe gezelschap optreedt samenwerken met jonge musici en plaatselijke jeugdorkesten. ‘Op dit punt in mijn leven is mentorschap steeds belangrijker geworden’, zegt hij bevlogen. ‘Het gaat niet alleen om het oprichten van nóg een orkest, maar om een ensemble dat op het hoogste niveau speelt en tegelijkertijd de volgende generatie begeleidt en inspireert.’

Op dit punt in mijn leven is mentorschap steeds belangrijker geworden

In zijn TED Talk uit 2025 pleitte Bell ervoor dat er in iedere gemeenschap net zoveel jeugdorkesten zouden moeten bestaan als sportteams voor kinderen. ‘Sport en muziek leren jongeren samenwerken, discipline opbrengen en begrijpen hoe belangrijk oefening en toewijding zijn. Maar muziek voegt daar iets wezenlijks aan toe: ze leert ons luisteren.’ Dat vermogen is volgens Bell ook buiten de muziek van onschatbare waarde. ‘Werkelijk luisteren naar de mensen om ons heen, naar de manier waarop onze eigen stem deel wordt van een groter geheel, is een van de waardevolste vaardigheden die we kunnen ontwikkelen.’
 

Onderdeel van

Bekijk ook eens