


Van vergeten garderobe naar blikvanger: binnen bij de laatste grote verbouwing
vr 21 aug 2026 - 4 minuten leestijd - Tekst: Liesbeth Houtman
Sinds de jaren negentig is Het Concertgebouw grondig gerenoveerd. Eén plek bleef nog onaangeroerd: de garderobe van de Kleine Zaal. Deze zomer wordt ook die ruimte aangepakt. We praten erover met architect Evelyne Merkx en bouwkundig aannemer Gino DiCorrado.
Onderdeel van
Wie deze zomermaanden het garderobegebied van de Kleine Zaal binnenstapt, waant zich op een bouwplaats. Steigers, trapjes en rondslingerend gereedschap bepalen het beeld. Uit het plafond steekt een wirwar aan elektriciteitskabels, Sky Radio schalt uit de speakers. Eén ding is duidelijk: hier is het geen bouwvak.
Evelyne Merkx praat ongestoord door het kabaal heen. Al meer dan dertig jaar is zij huisarchitect van Het Concertgebouw: haar signatuur zit in alle hoeken en gaten van het monument. ‘Jullie zijn echte vaklui’, zegt ze goedkeurend tegen de schilders die bezig zijn het plafond te witten.
De uitdaging van 2,20 meter
De garderobe is onderdeel van de glazen uitbouw die architect Pi de Bruijn in de jaren tachtig ontwierp. Al tien jaar geleden maakte Merkx met haar team plannen om dit deel stilistisch bij de rest van het gebouw te trekken. Ze reikt naar het plafond. ‘Kijk, het is hier maar 2,20 meter hoog. Dat was de grootste uitdaging: hoe creëer je ruimtelijkheid in een ruimte met zo’n laag plafond?’
Hoe creëer je ruimtelijkheid in een ruimte met zo’n laag plafond?
De oplossing vond ze onder andere in het gebruik van platte lampschalen, van hetzelfde type als een verdieping hoger hangt in restaurant Lier en de rest van de overloop van de aanbouw. Ze tekende zelf voor het ontwerp. ‘Een smid in Heerlen maakte ze met de hand en bekleedde ze met stukjes bladplatina.’ De lampen weerspiegelen subtiel het invallende daglicht. Merkx heeft lang getwijfeld hoeveel van die schalen ze wilde: twee, vier, zes of toch acht? Uiteindelijk zijn het er vijf geworden. ‘In zo’n lage ruimte wordt het al gauw te druk.’

Evelyne Merkx is al meer dan dertig jaar huisarchitect van Het Concertgebouw
Spiegelplafond versterkt het ruimtegevoel
Het kolossale beeld Strijkkwartet van Ubo Scheffer in de ronde uitbouw aan de voorzijde is inmiddels verdwenen. Op die plek komen straks drie bankjes in een lichte boogvorm. ‘Het is hetzelfde model als elders in de glazen uitbouw: je kunt er doorheen kijken.’ Het versterkt het ruimtelijke effect, net als het nieuwe spiegelplafond erboven.
Als materiaal voor de balie en een deel van de wand koos Merkx voor mahoniehout. ‘Alle rotzooi die je nu nog ziet, zoals knoppen en elektrapunten, wordt aan het oog onttrokken.’ De bakstenen muur achter de balie blijft intact. ‘Ik vond het mooi om op die manier de connectie met het oorspronkelijke buurhuis te bewaren.’ De twee geblindeerde ramen gaan straks schuil achter een plaat van geperforeerd staal, legt Merkx uit. ‘Dan lijken het net twee luiken.’
Van leerling tot werkvoorbereider
Op de vloer wordt intussen gestaag doorgewerkt. De verbouwing loopt op rolletjes, zegt Gino DiCorrado, werkvoorbereider bij Monto, het bedrijf dat de klus in opdracht van Het Concertgebouw uitvoert. ‘Natuurlijk loop je bij een monument als dit tegen dingen aan op het moment dat je gaat slopen. Zo bleek er een metalen balk overdwars te zitten. Dan moet je samen met de constructeur kijken wat wel en niet kan: waar mogen we boren en waar niet? Maar dat zijn de normale verrassingen, daar kijken we niet van op.’

Bouwkundig aannemer Gino DiCorrado begon ooit als leerling-schilder bij Het Concertgebouw
Het is voor het eerst dat Monto zo’n grote verbouwing voor Het Concertgebouw doet. ‘Maar zelf loop ik al vijfendertig jaar in het gebouw rond’, zegt DiCorrado trots. ‘Ik ben hier ooit begonnen als leerling-schilder via het bedrijf waar ik destijds werkte.’ Hij herinnert zich nog goed dat hij met zijn maten het dak op ging om de lier bij te werken. ‘Of de keren dat we ’s nachts in de Grote Zaal aan de slag moesten omdat de koningin de volgende dag naar het concert kwam.’
Voordat je er erg in had stond er een lijntje verkeerd of liep een patroon niet door
Later kwam hij bij datzelfde bedrijf terecht in de vloeren. Ook toen was hij regelmatig in Het Concertgebouw aan het werk. Zo was hij in de jaren negentig betrokken bij het leggen van de nieuwe vloerbedekking in de foyers. ‘Die tapijten werden in Deventer gefabriceerd op een ouderwetse weefmachine. Met behulp van ponskaarten weefde men de patronen in.’ Een foutgevoelig proces, aldus DiCorrado. ‘Voordat je er erg in had stond er een lijntje verkeerd of liep een patroon niet door.’ Hij herinnert zich zelfs nog dat Merkx persoonlijk alle tapijten kwam controleren.
Tekst gaat verder onder de fotocarrousel.
Eén patroon dat alles verbindt
Al dat soort problemen zijn met de huidige technieken verleden tijd. Genoeg dus over de geschiedenis. Maar nu we het toch over tapijten hebben: ook de vloer van de garderobe en de beide trappen worden opnieuw bekleed. Eenheid creëert Merkx door precies hetzelfde tapijt te kiezen dat overal in het gebouw is gebruikt in de foyers en ook in de trappenhuizen van de Grote Zaal: rouge-noir, met aan de randen een baan in helderrood, gescheiden door een roze streep en witte stippellijnen. Het patroon voor de vloer bedacht zij samen met industrieel ontwerper Edith van Berkel. Merkx pakt haar telefoon erbij. ‘Kijk, op deze foto zie je een stukje van het dessin dat in de uitbouw komt: een soort parelsnoer.’
De oude garderoberekken maken plaats voor nieuwe gietijzeren exemplaren, precies zoals die in de garderobe van de Grote Zaal. ‘Die rekken zijn opnieuw gegoten.’ Overigens bleken de oude mallen zoek. Drie van de vier kwamen weer boven water. Het probleem is uiteindelijk opgelost, zegt Merkx, ‘maar dit gedoe kostte wel onnodig veel tijd’.
Een kunstwerk van 1800 kilo
Verbouwen is soms behelpen, dat weet ook DiCorrado. De concerten in de Kleine Zaal gaan deze zomer gewoon door. Het is dan ook de kunst om de overlast voor bezoekers tot een minimum te beperken. Maar de grootste uitdaging was volgens hem om het kolossale kunstwerk van Scheffer van zijn sokkel te krijgen. ‘Dat beeld weegt 1800 kilo. Achter de marmeren voet bleek bovendien een betonblok te zitten. Dat was wel even schrikken.’ Met behulp van een kraan werd het gevaarte naar beneden getakeld. ‘Het staat nu veilig in de opslag.’
Achter de marmeren voet bleek een betonblok te zitten. Dat was wel even schrikken
Half september is de nieuwe garderobe klaar. Merkx kijkt er alvast naar uit. ‘Weet je wat het gekke is? Veel mensen weten zich vaak niet eens te herinneren hoe een ruimte er daarvoor uitzag.’ Zo organisch voegen haar ontwerpen zich in het gebouw dat het lijkt alsof het nooit anders is geweest. Het is misschien wel het grootste compliment dat je haar kunt maken.
Foto's: Archief Evelyne Merkx, Awesta Darwesh, Liesbeth Houtman en Simon Reinink



























