Naar hoofdcontent
Ontdek
  1. Concerten
  2. Inloggen
Jpeg optimizer Maarten Engeltjes Hansvander Woerd

Maarten Engeltjes: ‘Ik ben super lucide als ik op het podium sta’

ma 19 okt 2026 - 4 minuten leestijd - Tekst: Liesbeth Houtman - Foto: Hans van der Woerd

‘Zingen is voor tachtig procent psychologie’, zegt Maarten Engeltjes (1984). De dirigerende countertenor treedt dit seizoen met zijn PRJCT Amsterdam twee keer op in Het Concertgebouw: met Händels Messiah en Pergolesi’s Stabat mater. Een gesprek over dirigeren, ondernemerschap en de troostende kracht van muziek.

PRJCT Amsterdam debuteerde in 2021 met Pergolesi’s Stabat mater in een uitverkochte Grote Zaal. Maarten Engeltjes herinnert het zich als de dag van gisteren. ‘Er waren tweehonderdvijftig stoelen bijgezet op het podium. Het was mijn eerste optreden als dirigent. Doodeng vond ik het. Ik dacht: weet je wat, ik doe net alsof ik mijn supermanpak aanheb. Let’s go for it. Het was een gewéldige avond.’

Stress is er in zijn vak altijd, zegt Engeltjes. ‘Bij elk concert is er dat angststemmetje: er zijn wel duizend afslagen die fout kunnen gaan. Maar die avond had ik niet één maar twee van die stemmetjes in mijn hoofd.’

Bij elk concert is er dat angststemmetje

Engeltjes zit op een bankje in Het Concertgebouw. Sinds die eerste keer in de Grote Zaal geeft hij er met zijn PRJCT Amsterdam jaarlijks één of twee concerten. Zijn tijd verdeelt hij tussen het runnen van zijn ‘bedrijf’ en zijn internationale carrière als countertenor.

Maarten Engeltjes dirigeert in de Grote Zaal zijn PRJCT Amsterdam in Pergolesi’s Stabat mater, februari 2023 © Simon van Boxtel

Eerst dromen, dan doen

Volgend jaar bestaat PRJCT Amsterdam tien jaar. Waarom richtte hij het op? ‘Ik wilde jonge musici een kans bieden die ze bij de gevestigde barokorkesten niet kregen. In dat gat ben ik gesprongen. Maar ook wilde ik meer zeggenschap over mijn agenda. Minder reizen was mijn grootste prioriteit, zodat ik meer tijd had voor mijn twee kinderen.’

Ik daag mijzelf uit door mijn dromen wereldkundig te maken, daarna ga ik écht aan de slag

‘In 2016 zong ik op het Prinsengrachtconcert. Ik heb toen op de radio gezegd dat ik een barokorkest had opgericht. In werkelijkheid bestond dat orkest nog helemaal niet. Maar ik had wel alles uitgedacht, het plaatje was rond en ik voelde intuïtief dat het wel zou lukken. Die werkwijze typeert mij: ik daag mijzelf uit door mijn dromen wereldkundig te maken, daarna ga ik écht aan de slag.’

Dirigeren vanuit vertrouwen

Een paar jaar na de oprichting begon Engeltjes met dirigeren. Eerst mondjesmaat, maar gaandeweg kreeg hij de smaak te pakken. Hij volgde directieles en dirigeerde inmiddels ook grote werken als Bachs Oster-Oratorium en Mozarts Requiem.

‘Als dirigent benader je de muziek heel anders dan wanneer je zingt: niet horizontaal, maar verticaal, vanuit de harmonie. Elke stem, elke inzet weeg je afzonderlijk. Klassieke muziek bestaat bij de gratie van interpretatie. Sommige werken zijn misschien al wel duizenden keren uitgevoerd. Maar míjn interpretatie moet doorklinken. Het dwingt me om mijn eigen visie op de partituur te ontwikkelen en juist dat maakt dirigeren voor mij zo interessant.’

Ik wil de talenten in het orkest laten shinen

Hoe ziet hij zijn rol als dirigent? ‘Ik wil de talenten in het orkest laten shinen. Natuurlijk, ik ben de leider, maar ik ben niet de alwetende god die op de bok staat. Ik vergelijk mezelf met een CEO die fantastische vakmensen in dienst heeft. Uiteindelijk gaat het om vertrouwen. Alleen dan ontstaat een energetische symbiose waarbij je elkaar optilt naar een hoger niveau.’

Het wow-effect van de zingende dirigent

Het publiek reageert vaak verrast als hij zich omdraait en begint te zingen. ‘Het roept een enorm wow-effect op’, zegt Engeltjes. ‘Ook voor mijzelf is het stemtechnisch gezien een geweldige ervaring. Als ik dirigeer, heb ik zoveel aan mijn hoofd dat ik amper met mijn stem bezig ben. Daardoor zing ik veel vrijer. Zingen is voor tachtig procent psychologie. Als solist zit je tijdens een concert vaak te wachten en blijven die paar aria’s maar door je hoofd spoken. Dat werkt verkrampend. Maar als dirigent ben je voortdurend in beweging, je lichaam is warm.’

Zingen is voor tachtig procent psychologie

‘Het enige waarvoor ik moet uitkijken, is dat ik niet te veel meefluister wanneer ik een koor dirigeer. Dat is een aanslag op je stem.’ Lachend: ‘Ja, dat zou ik mezelf echt eens af moeten leren.’

Denken vanuit de tekst

Het Stabat mater van Pergolesi is hun ‘Matthäus-Passion’, zegt Engeltjes: ze voeren het elk jaar opnieuw uit. Händels Messiah is nieuw. Als jongenssopraan en countertenor zong hij het werk talloze malen. Twee jaar geleden vertolkte hij de countertenorpartij bij de New York Philharmonic onder leiding van Ton Koopman. Wat neemt hij daarvan mee? ‘Ik vind Ton een fantastisch musicus van wie ik veel leer. Hij kijkt als klavecinist anders naar de partituur. Als zanger denk ik meer vanuit de tekst. Ik weet precies hoe de frasering loopt, waar adempauzes vallen en hoe je de consonanten moet plaatsen. Tegen mijn musici zeg ik vaak: “Als zanger zou ik het zus of zo oplossen.” Uiteindelijk wil je één taal spreken. Het is belangrijk dat ze mijn aanwijzingen kunnen vertalen naar hun instrument.’

Tussen tragiek en schoonheid

Niet toevallig kiest Engeltjes voor de grote meesterwerken uit de barok. ‘Alleen wat van echte kwaliteit is, doorstaat de tand des tijds, daar ben ik van overtuigd. Ik zie daarom niet zoveel in het vernieuwen van het repertoire. We leven in een tijd van technologisering. Iedereen is verslaafd aan zijn smartphone. De behoefte aan een tegenbeweging neemt toe.’ Hij schenkt zichzelf nog een glas water in. ‘Nu ik daar zo over nadenk: in het delen van menselijkheid en schoonheid zie ik wel een goed businessmodel voor de klassieke muziek.’

In het delen van menselijkheid en schoonheid zie ik wel een goed businessmodel voor de klassieke muziek

Hij grijnst: ‘Je ziet: ik heb een sterke ondernemersdrang. Tegelijkertijd ben ik hypersensitief en moet ik uitkijken dat ik niet de hele dag een soort open zenuw ben. Het leven draagt veel schoonheid in zich, maar ook tragiek. Die laatste kant kan ik gemakkelijk aanboren, al ben ik de afgelopen jaren optimistischer geworden. Barokmuziek hangt van affecten aan elkaar. Ik ben super lucide als ik op het podium sta. Ik merk het direct als mensen in de zaal elkaar vastpakken of eenzaam zitten te huilen.’

Het publiek is vaak verrast als Maarten Engeltjes zich omdraait en begint te zingen. Hier deelt hij het podium van de Grote Zaal met sopraan Shira Patchornik in Pergolesi’s Stabat mater, februari 2023 © Simon van Boxtel

Op zoek naar de essentie

Muziek biedt troost. En misschien is dat wel waar een concert vooral over moet gaan, filosofeert Engeltjes. Over zulke dingen denkt hij al zijn hele leven na. Zijn wilde jaren liggen inmiddels wat meer achter hem. Vorig jaar verhuisde hij met zijn gezin van Amsterdam naar Bloemendaal. De rust bevalt hem wel. ‘De natuur brengt ons tot de essentie van wie we zijn. Nu ik ouder word, merk ik dat ik daar steeds meer behoefte aan heb. Vroeger kon ik me niet voorstellen dat ik voor mijn lol twee uur door een bos zou lopen.’

Toch haalde hij laatst met vrienden een avond door in Amsterdam. ‘’s Ochtends vroeg op het station tikte een mevrouw mij op de schouder. Ze zei: “Mag ik u bedanken voor alles wat u brengt.” Zo’n compliment stemt mij nederig, maar vervult mij ook met trots. Dan weet ik weer: hier doe ik het voor.’
 

Onderdeel van

Bekijk ook eens